02 novembre 2014

DROIT DE CITÉ LE LOGEMENT À BRUXELLES EN 2003

rtbf,2003,locataires,logement,syndicat des locataires,huurdersbond,josé garcia (syndicaliste pour le droit au logement),michel mees,bruno clément,françoise palange

CETTE ÉMISSION RETRACE LA PROBLÉMATIQUE DU LOGEMENT À BRUXELLES EN 2003.

16 novembre 2013

Aan alle grote kraken komt een einde

Aan alle grote kraken komt een einde

door Christophe Degreef © Brussel Deze Week
Brussel

Met de uitzetting van het Gesùklooster kwam er een einde aan de bezetting van het meest bekende en grootste Brusselse kraakpand. Nochtans zijn zulke kraakpanden niet nieuw. In de recente geschiedenis werden er verschillende grote leegstaande gebouwen bezet. Een overzicht.

 

Capture d’écran 2013-11-16 à 18.46.06.png

V oor een overzicht van grote kraakpanden doen we een beroep op José Garcia, voorzitter van het Brusselse syndicat des locataires. Garcia heeft met zijn decennialange ervaring een goed zicht op enkele historisch grote kraakpanden.

 

Capture d’écran 2013-11-16 à 18.47.51.png

“De eerste grote kraak van Brussel vond plaats in 1995 in Oudergem,” zegt Garcia. “Een grote groep daklozen bezette toen het Kasteel La Solitude. Zij hadden al een rondgang doorheen alle negentien Brusselse gemeenten achter de rug en besloten om halt te houden in het leegstaande kasteel tegen het Zoniënwoud. Zij voerden vooral strijd om OCMW-steun te verkrijgen. Die gebeurtenis kan beschouwd worden als de eerste bezetting in zijn genre.”

“Een ander spraakmakend gebouw was de Waterloolaan 103, ongeveer tien jaar geleden, waar nu het Belgische en Europese hoofdkwartier van de Amerikaanse Scientology-sekte gelegen is. Dat leegstaande gebouw was een zeer grote kraak; er woonden zo’n 350 mensen in. Een andere bekende kraak is die op de Koningsstraat 123 in het centrum van de stad. Maar dat is een speciale categorie omdat de krakers er een conventie met de overheid hebben gesloten. Hun kraak is dus min of meer gelegaliseerd en zij hebben de garantie dat zij door de politie met rust gelaten worden.”

Drank- en drugsverslaafden
Garcia weet naast de plaatsen waar werd gekraakt ook hoe samenlevingen binnen een kraakpand tot stand komen. “De eerste bezettingen waren vooral het werk van kunstenaars en waren lichtjes politiek geïnspireerd. Gaandeweg is dat veranderd en zijn samenlevingen in kraakpanden erg gemengd geworden. Tegenwoordig kan je er van op aan dat een kraakpand draait rond een minimum aan mensen die uit de boot vallen. Laten we hen ‘de uitgeslotenen’ noemen. De bezetting in Oudergem was daar het eerste voorbeeld van: honderd mensen die bijstand van het OCMW eisten en daarvoor een kasteel bezetten dat van de overheid was. Het probleem is dat als je de deur openlaat als kraker, je vroeg of laat met te veel ongure elementen te maken krijgt. Een kraakpand kan wel zijn portie drank- en drugsverslaafden aan, maar als er geen regels afgesproken worden, dan loopt het gegarandeerd uit de hand.”

“De strategie van een gebouw bezetten dat eigendom is van een overheid werd ook toegepast op het kraakpand aan de Waterloolaan. Helaas voor hen was dat een verkeerde gok. Men dacht dat het eigendom was van de Franse Gemeenschap, maar in feite werd het door die overheid gehuurd en was het eigendom van een Antwerpse diamantairsfamilie. Soit. Die kraak begon met 30 mensen en eindigde met 350. De ordediensten, normaal gezien gevreesd door krakers, lieten toen ook betijen omdat men toen al wist dat Scientology in dat gebouw zou gaan huizen. De politiek was toen zelfs krakers beter gezind dan een sekte.”

“In de Waterloolaan waren de krakers er min of meer in geslaagd om een solidaire samenleving op te zetten. Toch waren er veel problemen, zoals geweld gelieerd aan drank en drugs. Het is niet makkelijk om dan de politie te bellen, want je bent eigenlijk illegaal bezig. De moeilijkheid voor oprechte krakers bestaat erin dat ze zowel problemen van binnen als van buiten moeten zien het hoofd te bieden. Buiten wacht een eventuele uitzetting, binnen problemen gekoppeld aan het kraken zelf. Een goede krakerssamenleving heeft dus regels nodig en als het kan ook een soort van eigen politie. In de Waterloolaan deden de krakers op een bepaald moment een beroep op privébewaking, bijvoorbeeld. Dat was toen nodig omdat mensen van Scientology de krakers manu militari uit het gebouw wilden vegen. De politie heeft toen krakers en sekteleden van elkaar moeten scheiden.”

Akkoordje met de overheid
​Het best geregeld is het kraakpand aan de Koningsstraat 123,” zegt Garcia. “Door de conventie met de overheid is er garantie dat de politie ongure elementen in het kraakpand kan arresteren zonder aan de oprechte krakers te raken. Drank en drugs zijn er verboden en dienen buitenshuis genuttigd te worden. Alleen zo zijn grote kraakpanden leefbaar. Slaagt men er niet in om zo’n conventie te sluiten, dan blijft de situatie hoogst onzeker. Dat is wat er in het Gesuklooster is gebeurd. Burgemeester Emir Kir (PS) van Sint-Joost-ten-Node heeft van zijn recht gebruik gemaakt om het klooster gevaarlijk te verklaren. Een burgemeester kan dat als hij vindt dat de openbare orde in het gedrang komt of niet gegarandeerd wordt.”

Aan alle grote kraken komt een einde, zo weet Garcia ook. “Als je geen akkoordje met de overheid kan sluiten dan is het vroeg of laat gedaan. Een deel van de krakers die op de Waterloolaan woonden is toen via een omzwerving op het Moricharplein in Sint-Gillis in het Gesùklooster terechtgekomen.”
“Als u mij vraagt waarom kraken nodig zou zijn, dan antwoord ik u dat lege gebouwen gevuld moeten worden, zeker in een stad als Brussel, waar veel woningnood is en veel verschoppelingen wonen. En zeker in gebouwen die de overheid toebehoren,” besluit Garcia.

04 octobre 2013

14 ÈME FESTIVAL DU CINÉMA D'ATTAC

14 ÈME FESTIVAL DU CINÉMA D'ATTAC.png

14 ÈME FESTIVAL DU CINÉMA D'ATTAC MARINALEDA.png